Cake
Bestrijk de cake, voor dat deze de oven ingaat, met een beetje melk. De cake
krijgt dan een mooi korstje. Zet onder de bakplaat in de oven een bakje water om
aanbranden van de cake te voorkomen. Snijd verse cake en ook ander gebak met een
warm mes. Leg bij het bakken van cake een met vet bestreken stuk vetvrij papier
op de bodem va de vorm, de cake laat dan gemakkelijker los. Zit de cake nog
vast, zet dan de vorm even op een natte doek. Haal de krenten en rozijnen die u
aan de cake wilt toevoegen even door de bloem, dit voorkomt dat ze naar de bodem
zakken.
Champignons
Maak champignons het liefst schoon met een kwastje. Bedruppel de champignons
voor het bakken met een beetje citroensap om verschrompelen te voorkomen. Wilt u
dat de champignons niet slinken bij het bakken, leg ze dan van te voren in een
schaaltje met kokend water en droog ze af met keukenpapier.
Citroenen
Citroenen geven meer sap als u ze van te voren even op de verwarming of in de
oven legt (niet te warm natuurlijk). Heeft u een paar druppeltjes nodig, prik
dan met een cocktailprikker een gaatje in de citroen en u kunt het nodig sap er
uit persen, zonder de citroen open te snijden. Leg uitgedroogde citroenen een
tijdje in lauw water om ze weer wat sappiger te krijgen.
Croutons
Snij het brood in kleine blokjes.
Verhit wat (olijf)olie in een koekenpan en strooi kruiden in de pan
(bijvoorbeeld knoflook of Italiaanse kruiden). Bak de broodblokjes al roerend
snel krokant en laat ze daarna op keukenpapier uitlekken. Strooi de croutons
vlak voor het opdienen over de soep of salade.